Advertisement

2

1

Advertisement

Wabo Standaard documenten

  • activiteit: activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, of 2.2;
  • afvalstoffen: afvalstoffen als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer;
  • beheersverordening: beheersverordening als bedoeld in artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke
    ordening die van toepassing is op de plaats waar de activiteit wordt of zal worden verricht;
  • beschermd monument: beschermd monument als bedoeld in artikel 1, onder d, van de
    Monumentenwet 1988, met uitzondering van een beschermd archeologisch monument als
    bedoeld in artikel 1, onder c, van die wet;
  • beschermd stads- of dorpsgezicht: beschermd stads- of dorpsgezicht als bedoeld in artikel 1,
    onder g, van de Monumentenwet 1988;
  • beste beschikbare technieken: voor het bereiken van een hoog niveau van bescherming van
    het milieu meest doeltreffende technieken om de emissies en andere nadelige gevolgen voor
    het milieu, die een inrichting kan veroorzaken, te voorkomen of, indien dat niet mogelijk is,
    zoveel mogelijk te beperken, die – kosten en baten in aanmerking genomen – economisch en
    technisch haalbaar in de bedrijfstak waartoe de inrichting behoort, kunnen worden toegepast,
    en die voor degene die de inrichting drijft, redelijkerwijs in Nederland of daarbuiten te verkrijgen
    zijn; daarbij wordt onder technieken mede begrepen het ontwerp van de inrichting, de wijze
    waarop zij wordt gebouwd en onderhouden, alsmede de wijze van bedrijfsvoering en de wijze
    waarop de inrichting buiten gebruik wordt gesteld;
  • bestemmingsplan: bestemmingsplan, provinciaal inpassingsplan of rijksinpassingsplan als
    bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening dat van toepassing is op de plaats waar de activiteit
    wordt of zal worden verricht en de krachtens dat plan gestelde nadere eisen;
  • bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van
    een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende
    omgevingsvergunning;
  • bouwen: plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten;
  • bouwverordening: bouwverordening als bedoeld in artikel 8 van de Woningwet;
  • exploitatieplan: plan als bedoeld in artikel 6.12, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening;
  • gevaarlijke afvalstoffen: gevaarlijke afvalstoffen als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet
    milieubeheer;
  • gpbv-installatie: installatie als bedoeld in bijlage 1 bij richtlijn nr. 2008/1/EG van het Europees
    Parlement en de Raad van de Europese Unie van 15 januari 2008 inzake geïntegreerde
    preventie en bestrijding van verontreiniging (PbEU L 24);
  • inrichting: inrichting, behorende tot een categorie die is aangewezen krachtens het derde lid;
  • inspecteur: als zodanig bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaar;
  • mijnbouwwerk: mijnbouwwerk als bedoeld in artikel 1, onder n, van de Mijnbouwwet;
  • omgevingsvergunning: omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1 of 2.2;
  • Onze Minister: Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
  • project: project als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, of 2.2;
  • slopen: geheel of gedeeltelijk afbreken;
  • verklaring: verklaring van geen bedenkingen als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid;
  • voorbereidingsbesluit: besluit waarbij toepassing is gegeven aan artikel 3.7 van de Wet
    ruimtelijke ordening;
  • wijzigen van voorschriften van een omgevingsvergunning: wijzigen, aanvullen of intrekken van
    voorschriften die aan een omgevingsvergunning zijn verbonden of alsnog verbinden van
    voorschriften aan een omgevingsvergunning.
  • bouwen: plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten;
  • slopen: het afbreken van een bouwwerk of een gedeelte daarvan;
  • gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk
    met wanden omsloten ruimte vormt;
  • omgevingsvergunning: vergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid,
    onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;
  • bevoegd gezag: het bestuursorgaan, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene
    bepalingen omgevingsrecht, dan wel, bij het ontbreken van een bestuursorgaan als bedoeld in
    dat artikellid, burgemeester en wethouders;
  • bestemmingsplan: een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke
    ordening, alsmede een inpassingsplan als bedoeld in artikel 3.26 of 3.28 van die wet of een
    beheersverordening als bedoeld in artikel 3.38 van die wet;
  • rooilijn: de lijn die, behoudens toegelaten afwijkingen, bij het bouwen van een bouwwerk aan
    de wegzijde of aan de van de weg afgekeerde zijde niet mag worden overschreden;
  • norm: een document, uitgegeven door een deskundig, onafhankelijk instituut, waarin wordt
    omschreven aan welke eisen een bouwmateriaal, bouwdeel of bouwconstructie moet voldoen
    dan wel waarin een omschrijving wordt gegeven van een keurings-, meet- of
    berekeningsmethode;
  • kwaliteitsverklaring: een schriftelijk bewijs, voorzien van een merkteken, aangewezen door
    Onze Minister, afgegeven door een deskundig, onafhankelijk instituut, aangewezen door Onze
    Minister, op grond waarvan een bouwmateriaal, bouwdeel of samenstel van bouwmaterialen of
    bouwdelen dan wel een bouwwijze, indien dat bouwmateriaal, bouwdeel of samenstel van
    bouwmaterialen of bouwdelen dan wel die bouwwijze bij het bouwen van een bouwwerk wordt
    toegepast, wordt geacht te voldoen aan krachtens deze wet aan dat bouwmateriaal, bouwdeel
    of samenstel van bouwmaterialen of bouwdelen dan wel die bouwwijze gestelde eisen;
  • Onze Minister: Onze Minister voor Wonen, Wijken en Integratie;
  • inspecteur: als zodanig bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaar;
  • toegelaten instelling: instelling als bedoeld in artikel 70;
  • fonds: Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting, bedoeld in artikel 71;
  • welstandscommissie: door de gemeenteraad benoemde onafhankelijke commissie die aan
    burgemeester en wethouders advies uitbrengt ten aanzien van de vraag of het uiterlijk of de
    plaatsing van een bouwwerk, waarvoor een aanvraag om een omgevingsvergunning is
    ingediend, in strijd is met redelijke eisen van welstand;
  • stadsbouwmeester: door de gemeenteraad benoemde onafhankelijke deskundige die aan
    burgemeester en wethouders advies uitbrengt ten aanzien van de vraag of het uiterlijk of de
    plaatsing van een bouwwerk, waarvoor een aanvraag om een omgevingsvergunning is
    ingediend, in strijd is met redelijke eisen van welstand.
  • wet: Wet ruimtelijke ordening;
  • andere geluidsgevoelige gebouwen: andere geluidsgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel
    1 van de Wet geluidhinder;
  • geluidsgevoelige terreinen: geluidsgevoelige terreinen als bedoeld in artikel 1 van de Wet
    geluidhinder;
  • sociale huurwoning: huurwoning met een aanvangshuurprijs onder de grens als bedoeld in
    artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag, waarbij de instandhouding voor
    de in een gemeentelijke verordening omschreven doelgroep voor ten minste tien jaar na
    ingebruikname is verzekerd;
  • sociale koopwoning: koopwoning met een koopprijs vrij op naam van ten hoogste het bedrag
    genoemd in artikel 26, tweede lid, onder g, van het Besluit beheer sociale huursector, waarbij
    de instandhouding voor de in een gemeentelijke verordening omschreven doelgroep voor een
    in de verordening vastgesteld tijdvak van ten minste een jaar en ten hoogste tien jaar na
    ingebruikname is verzekerd;
  • particulier opdrachtgeverschap: situatie dat de burger of een groep van burgers – in dat laatste
    geval georganiseerd als rechtspersoon zonder winstoogmerk of krachtens een overeenkomst –
    tenminste de economische eigendom verkrijgt en volledige zeggenschap heeft over en
    verantwoordelijkheid draagt voor het gebruik van de grond, het ontwerp en de bouw van de
    eigen woning;
  • geometrische plaatsbepaling: locatie van een ruimtelijk object, vastgelegd in een ruimtelijk
    referentiesysteem.
  • ADR-klasse: classificatie als bedoeld in de op 30 september 1957 te Genève tot stand
    gekomen Europese overeenkomst betreffende het internationale vervoer van gevaarlijke
    goederen over de weg (Trb. 1959, 171);
  • brandcompartiment: brandcompartiment als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • brandgevaarlijke stof: vaste, vloeibare of gasvormige stof die brandbaar of brandbevorderend
    is of bij brand gevaar oplevert;
  • brandweerlift: brandweerlift als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • brutovloeroppervlakte: brutovloeroppervlakte als bedoeld in NEN 2580;
  • gebruiksfunctie: gebruiksfunctie als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • gebruiksmelding: melding als bedoeld in artikel 2.12.1, eerste lid;
  • gebruiksoppervlakte: gebruiksoppervlakte als bedoeld in NEN 2580;
  • meetniveau: meetniveauals bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • milieugevaarlijke stoffen: gevaarlijke stoffen als bedoeld in het Besluit algemene regels voor
    inrichtingen milieubeheer;
  • NEN: door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm;
  • nevenfunctie: nevenfunctie als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • nooddeur: nooddeur als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • subbrandcompartiment: subbrandcompartiment als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • verblijfsruimte: verblijfsruimte als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • verkeersroute: verkeersroute als bedoeld in het Bouwbesluit 2003;
  • verpakkingsgroep: verpakkingsgroep als bedoeld in de op 30 september 1957 te Genève tot
    stand gekomen Europese overeenkomst betreffende het internationale vervoer van gevaarlijke
    goederen over de weg (Trb. 1959, 171);
  • vluchtroute: voor het vluchten bij brand bestemde route die uitsluitend voert over vloeren,
    trappen en hellingbanen en eindigt op een veilige plaats, zonder dat gebruik behoeft te worden
    gemaakt van een lift;
  • wet: Woningwet;
  • wooneenheid: gedeelte van een woonfunctie voor een individueel huishouden bij
    kamergewijze verhuur;
  • woonfunctie voor kamergewijze verhuur: woonfunctie voor het bedrijfsmatig verschaffen van
    woonverblijf aan meer dan een huishouden en aan meer dan vier personen.
  • besluit: Besluit omgevingsrecht;
  • bouwactiviteit: activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de wet;
  • bruto-inhoud: bruto-inhoud als bedoeld in NEN 2580;
  • bruto-vloeroppervlakte: bruto-vloeroppervlakte als bedoeld in NEN 2580;
  • detailtekening: getekende uitwerking die een ondubbelzinnige aanduiding geeft van een groep
    van gelijksoortige constructieonderdelen in hun vorm, afmetingen, materiaalgebruik en overige
    gestelde eisen en waarvan de plaats eenduidig vastligt;
  • EPC: energieprestatiecoëfficiënt als bedoeld in artikel 1.1, tweede lid, van het Bouwbesluit
    2003;
  • gebruiksoppervlakte: gebruiksoppervlakte als bedoeld in artikel 1.1, tweede lid, van het
    Bouwbesluit 2003;
  • groepsrisico: cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1000 personen overlijden
    als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een
    ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is;
  • invloedsgebied: gebied waarin volgens door Onze Minister bij ministeriële regeling op grond
    van artikel 15, eerste lid, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen te stellen regels
    personen worden meegeteld voor de berekening van het groepsrisico;
  • ISO: een door de International Organization for Standardization opgestelde norm;
  • NEN: een door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven Nederlandse norm;
  • oprichten of in werking hebben van een inrichting of mijnbouwwerk: activiteit als bedoeld in
    artikel 2.1, eerste lid, onder e, onder 1° of 3°, van de wet;
  • plaatsgebonden risico: risico op een plaats buiten een inrichting, uitgedrukt als de kans per
    jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt
    als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke
    stof betrokken is;
  • straatpeil: de hoogteligging van het bouwwerk ten opzichte van:
    • de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang, voor een bouwwerk waarvan
      de hoofdtoegang direct aan de weg grenst voor een bouwwerk, of
    • de hoogte van het terrein ter plaatse van de hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw
      voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst;
  • veranderen van een inrichting of mijnbouwwerk of veranderen van de werking daarvan:
    activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, onder 2°, van de wet;
  • vergunning: omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 1.1 van de wet.

 

  • aangewezen oppervlaktewaterlichaam: oppervlaktewaterlichaam dat op grond van artikel 1.7,
    eerste lid, onderdeel b, is aangewezen;
  • ADR: de op 30 september 1957 te Genève totstandgekomen Europese Overeenkomst
    betreffende het internationale vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg (Trb. 1959, 171);
  • afleverinstallatie: geheel van de al dan niet onder de grond liggende tank of tanks met daaraan
    gekoppelde leidingen, appendages, één of meer afleverzuilen, voorzover aanwezig, een kassa en,
    voorzover aanwezig, één of meer betaalautomaten;
    andere hernieuwbare brandstoffen: andere hernieuwbare brandstoffen als bedoeld in artikel 2,
    eerste lid, onderdeel c, van richtlijn 2003/30/EG;
  • autowrak: autowrak als bedoeld in het Besluit beheer autowrakken;
    bedrijfsduurcorrectie: correctie als bedoeld in de Handleiding meten en rekenen industrielawaai,
    zijnde de logaritmische verhouding tussen de tijdsduur dat de geluidsbron gedurende de
    beoordelingstijd in werking is, en de duur van die beoordelingsperiode;
  • bedrijventerrein: cluster aaneengesloten percelen met overwegend bedrijfsbestemmingen, binnen
    een in een bestemmingsplan als bedrijventerrein aangewezen gebied, daaronder niet begrepen
    een gezoneerd industrieterrein;
  • beheerder: beheerder als bedoeld in artikel 1.1 van de Waterwet;
    beperkt kwetsbaar object: beperkt kwetsbaar object als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel
    b, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen;
  • bijkomend gevaar: een gevaar naast de grootste gevaarseigenschap als bedoeld in het ADR;
  • biobrandstof: biobrandstof als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van richtlijn
    2003/30/EG, waaronder in elk geval de biobrandstoffen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van
    richtlijn 2003/30/EG, worden verstaan;
  • bodembedreigende activiteit: bedrijfsmatige activiteit als bedoeld in paragraaf 3.1 van deel A 3
    van de NRB;
  • bodembedreigende stof: stof die de bodem kan verontreinigen als bedoeld in paragraaf 3.1 van
    deel A3 van de NRB;
  • bodembeschermende maatregel: op de gebezigde stoffen en gebruikte bodembeschermende
    voorziening toegesneden beheermaatregel gericht op reparatie, schoonmaak, onderhoud, actie bij
    incidenten, bedrijfsinterne controle, inspectie of toezicht, ter voorkoming van immissies in de
    bodem of herstel van de effecten van zulke immissies op de bodemkwaliteit, waarvan de uitvoering
    is gewaarborgd;
  • bodembeschermende voorziening: een vloeistofkerende voorziening, een vloeistofdichte vloer of
    verharding of een andere doelmatige fysieke voorziening, ter voorkoming van immissies in de
    bodem;
  • bovengrondse opslagtank: opslagtank die geheel boven de bodem is gelegen;
  • brandcompartiment: brandcompartiment als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Bouwbesluit
    2003;
  • BTEX: benzeen, tolueen, ethylbenzeen en xyleen;
  • bunkerstation: drijvend bouwsel dat wegens zijn bestemming in de regel niet wordt verplaatst en
    dat bestemd of in gebruik is voor de opslag of levering van brandstof voor voortstuwing van
    schepen;
  • consumentenvuurwerk: consumentenvuurwerk als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van het
    Vuurwerkbesluit;
  • CMR-stof: stof of preparaat die volgens bijlage I bij Richtlijn nr. 67/548/EEG geclassificeerd is als
    Kankerverwekkend categorie 1 of 2 of als Mutageen categorie 1 of 2 of als «Voor de
    voortplanting giftig» categorie 1 of 2;
  • dierlijke bijproducten: bijproducten als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, van Verordening nr.
    1774/2002 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften
    inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten;
  • doelmatig beheer van afvalwater: zodanig beheer van afvalwater dat daarbij rekening wordt
    gehouden met de voorkeursvolgorde aangegeven in artikel 10.29a van de wet;
  • equivalent geluidsniveau: equivalent geluidsniveau als bedoeld in artikel 1 van de Wet
    geluidhinder;
  • etmaalwaarde: de hoogste van de volgende drie waarden:
    a. de waarde van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr, LT tussen 07.00 en 19.00 uur
    (dag);
    b. de met 5 dB(A) verhoogde waarde van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr, LT
    tussen 19.00 en 23.00 uur (avond);
    c. de met 10 dB(A) verhoogde waarde van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr, LT
    tussen 23.00 en 07.00 uur (nacht);
  • gasdrukmeet- en regelstation categorie A: gasdrukmeet- en regelstation met:
    • een ontwerpcapaciteit die kleiner of gelijk aan 650 normaal kubieke meter per uur is met een
      maximale operationele inlaatzijdige werkdruk die kleiner of gelijk aan 0,1 bar is;
    • een ontwerpcapaciteit die kleiner of gelijk aan 10 normaal kubieke meter per uur is met een
      maximale operationele inlaatzijdige werkdruk die kleiner of gelijk aan 16 bar is;
  • gasdrukmeet- en regelstation categorie B: gasdrukmeet- en regelstation met een
    ontwerpcapaciteit die kleiner of gelijk aan 6000 normaal kubieke meter per uur is met een
    maximale operationele inlaatzijdige werkdruk die kleiner of gelijk aan 16 bar is, niet zijnde een
    gasdrukmeet- en regelstation categorie A;
  • gasdrukmeet- en regelstation categorie C: gasdrukmeet- en regelstation met een maximale
    operationele inlaatzijdige werkdruk die kleiner of gelijk aan 100 bar is, niet zijnde een
    gasdrukmeet- en regelstation categorie A of gasdrukmeet- en regelstation categorie B;
  • gasfles: een verplaatsbare drukhouder met een waterinhoud van niet meer dan 150 liter;
  • geluidsgevoelige ruimte: geluidsgevoelige ruimte als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder;
  • geluidsniveau: geluidsniveau in dB(A) als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder;
  • gevaarlijke stoffen: stoffen en voorwerpen, waarvan het vervoer volgens het ADR is verboden of
    slechts onder daarin opgenomen voorwaarden is toegestaan, dan wel stoffen, materialen en
    voorwerpen aangeduid in de International Maritime Dangerous Goods Code;
  • gevel: gevel als bedoeld in artikel 1 juncto artikel 1b, vijfde lid, van de Wet geluidhinder;
  • gevoelige gebouwen: woningen en gebouwen die op grond van artikel 1 van de Wet geluidhinder
    worden aangemerkt als andere geluidsgevoelige gebouwen, met uitzondering van die gebouwen
    behorende bij de betreffende inrichting;
  • gevoelige objecten: gevoelige gebouwen en gevoelige terreinen;
  • gevoelige terreinen: terreinen die op grond van artikel 1 van de Wet geluidhinder worden
    aangemerkt als geluidsgevoelige terreinen, met uitzondering van die terreinen behorende bij de
    betreffende inrichting;
  • gezoneerd industrieterrein: industrieterrein als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder;
  • ISO: door de Internationale Organisatie voor Standaardisatie uitgegeven norm;
  • koelinstallatie: een combinatie van met koudemiddel gevulde onderdelen die met elkaar zijn
    verbonden en die tezamen een gesloten koudemiddelcircuit vormen waarin het koudemiddel
    circuleert met het doel warmte op te nemen of af te staan;
  • kunststeen: blokken van korrels of brokken van natuursteen met bindmiddel;
  • kwetsbaar object: kwetsbaar object als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel l, van het Besluit
    externe veiligheid inrichtingen;
  • landbouwinrichting: inrichting als bedoeld in artikel 2 van het Besluit landbouw milieubeheer;
  • langtijdgemiddeld beoordelingsniveau: (LAr,LT) het gemiddelde van de afwisselende niveaus van
    het ter plaatse optredende geluid, gemeten in een bepaalde periode en vastgesteld en beoordeeld
    overeenkomstig de Handleiding meten en rekenen industrielawaai;
  • lassen van textiel: het door middel van warmteopwekking of warmtetoevoer aaneenhechten van
    textiel;
  • lekbak: een voorziening waarvan de bodembeschermende werking door de daarop afgestemde
    bodembeschermende maatregelen is gewaarborgd, en die zich rondom of onder een
    bodembedreigende activiteit bevindt en in staat is de bij normale bedrijfsvoering gemorste of
    wegspattende vloeistoffen op te vangen;
  • lozen: het brengen van:
    • afvalwater of andere afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen in een
      oppervlaktewaterlichaam;
    • afvalwater of overige vloeistoffen op of in de bodem;
    • afvalwater of andere afvalstoffen in een openbaar hemelwaterstelsel;
    • afvalwater of andere afvalstoffen in een openbaar ontwateringstelsel;
    • afvalwater of andere afvalstoffen in een openbaar vuilwaterriool;
    • afvalwater of andere afvalstoffen in een andere voorziening voor de inzameling en het
      transport van afvalwater, of
    • afvalwater of andere afvalstoffen met behulp van een werk niet zijnde een voorziening voor de inzameling en het transport van afvalwater op een zuiveringtechnisch werk;
  • LQ: Limited Quantities, gelimiteerde hoeveelheden als bedoeld in het ADR;
    massastroom: massa van een bepaalde stof of stoffen die per tijdseenheid wordt geëmitteerd,
    uitgedrukt in massa per uur;
  • maximaal geluidsniveau: (LAmax) maximaal geluidsniveau gemeten in de meterstand «F» of
    «fast», als vastgesteld en beoordeeld overeenkomstig de Handleiding meten en rekenen
    industrielawaai;
  • meststoffengroep: aanduiding van de gevaarscategorie van vaste minerale anorganische
    meststoffen overeenkomstig de indeling van PGS 7;
  • natte koeltoren: installatie gebruikt voor het afvoeren van overtollige warmte uit
    productieprocessen en gebouwen door middel van het vernevelen van water;
  • natuursteen: uit de natuur gewonnen blokken en platen van steen;
  • NEN: door de Stichting Nederlands Normalisatie-instituut uitgegeven norm;
  • NeR: door InfoMil uitgegeven Nederlandse Emissie Richtlijnen lucht;
    niet aangewezen oppervlaktewaterlichaam: oppervlaktewaterlichaam dat geen aangewezen
    oppervlaktewaterlichaam is;
  • noodsignalen: noodsignalen die onder de klasse 1.3 of klasse 1.4 van het ADR vallen;
  • normaal kubieke meter: afgashoeveelheid bij 273,15 Kelvin en 101,3 kilo Pascal en betrokken op
    droge lucht;
  • NRB: door InfoMil uitgegeven Nederlandse richtlijn bodembescherming bedrijfsmatige activiteiten;
  • opslagtank: een opslagvoorziening voor gas met een inhoud van ten minste 150 liter of een
    opslagvoorziening voor vloeistof met een inhoud van ten minste 300 liter, uitgezonderd een
    intermediate bulk container die voldoet aan hoofdstuk 6.5 van het ADR;
  • PER: tetrachlooretheen;
  • PGS: Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen;
  • pleziervaartuig: schip bestemd of gebruikt voor sport of vrijetijdsbesteding;
  • praktijkruimte: ruimte voor chemisch, natuurkundig of medisch onderwijs waarop de Wet op het
    hoger onderwijs en het wetenschappelijk onderzoek van toepassing is;
  • propaan: product, hoofdzakelijk bestaande uit propaan en propeen, met geringe hoeveelheden
    ethaan, butanen en butenen, voor zover de dampspanning bij 343 Kelvin (70 graden Celsius) ten
    hoogste 3100 kilopascal (31 bar) bedraagt;
  • propeen: zeer licht ontvlambaar tot vloeistof verdicht gas met UN-nummer 1077;
  • pyrotechnische artikelen voor theatergebruik: pyrotechnische artikelen voor theatergebruik als
    bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van het Vuurwerkbesluit;
  • richtlijn 2003/30/EG: richtlijn nr. 2003/30/EG van het Europees Parlement en de Raad van de
    Europese Unie van 8 mei 2003 (PbEU L 123) ter bevordering van het gebruik van biobrandstoffen
    of andere hernieuwbare brandstoffen in het vervoer;
  • rookzwak kruit: kruit dat onder de klasse 1.3 van het ADR valt;
  • spuitbus: niet-hervulbare houder van metaal, glas of kunststof die een samengeperst, vloeibaar
    gemaakt of opgelost gas bevat, al dan niet met een vloeibare, pasteuze of poedervormige stof, en
    voorzien van een aftapinrichting die het mogelijk maakt, dat de inhoud wordt uitgestoten in de
    vorm van een suspensie van vaste of vloeibare deeltjes in een gas, in de vorm van schuim, pasta
    of poeder of in vloeibare of gasvormige toestand;
  • stookinstallatie: stookinstallatie als bedoeld in het Besluit emissie-eisen middelgrote
    stookinstallaties milieubeheer;
  • systeem voor dampretour Stage-II: geheel van vulpistool, slang, appendages, regelinstrumenten
    en overige toebehoren waarmee de bij het afleveren van benzine aan motorvoertuigen voor het
    wegverkeer uit het brandstofreservoir van het motorvoertuig verdreven dampen worden
    teruggevoerd in de ondergrondse opslagtank van het tankstation;
  • theatervuurwerk: theatervuurwerk als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van het Vuurwerkbesluit;
  • totaal stikstof: de som van nitraat-, nitriet-, organisch en ammonium stikstof waarvan de
    emissiemetingen worden uitgevoerd, bedoeld in artikel 2.3;
  • traditioneel schieten: door schutterijen of schuttersgilden schieten met buksen ofwel geweren
    vanaf een vaste standplaats op een stilstaand doel in de buitenlucht;
  • verblijfsruimten: verblijfsruimten als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel e, van het Besluit
    geluidhinder;
  • verbruik van vluchtige organische stoffen: verbruik van vluchtige organische stoffen als bedoeld in
    het Oplosmiddelenbesluit omzetting EG-VOS-richtlijn milieubeheer;
  • verpakkingsgroep: een groep, waarin bepaalde stoffen op grond van hun gevaarlijkheid tijdens het
    vervoer conform het ADR zijn ingedeeld voor verpakkingsdoeleinden:
    • verpakkingsgroep I: zeer gevaarlijke stoffen;
    • verpakkingsgroep II: gevaarlijke stoffen;
    • verpakkingsgroep III: minder gevaarlijke stoffen;
      vervoerseenheid met gevaarlijke stoffen: een voertuig, oplegger of aanhanger met een conform het ADR voor het vervoer van gevaarlijke stoffen toegelaten tank, tankcontainer, tankbatterij, laadketel, laadruimte of laadvloer waarin gevaarlijke stoffen aanwezig zijn;
      verwaarloosbaar bodemrisico: een situatie als bedoeld in de NRB waarin door een goede
      afstemming van bodembeschermende voorzieningen en bodembeschermende maatregelen de kans op een verandering van de bodemkwaliteit, ten gevolge van een immissie van een stof, verwaarloosbaar is gemaakt;
  • vloeibare brandstof: lichte olie, halfzware olie of gasolie als bedoeld in artikel 26 van de Wet op de
    accijns;
  • vloeistofdichte vloer of verharding: vloer of verharding direct op de bodem die waarborgt dat geen
    vloeistof aan de niet met vloeistof belaste zijde van die vloer of verharding kan komen;
  • vloeistofkerende voorziening: lekbak, tankput, vloer, verharding of een andere doelmatige fysieke
    voorziening die vrijgekomen stoffen keert zolang als nodig is om met de daarop afgestemde
    bodembeschermende maatregelen te voorkomen dat deze stoffen in de bodem kunnen geraken;
  • vluchtige organische stoffen: stoffen als bedoeld in het Oplosmiddelenbesluit omzetting EG-VOSrichtlijn milieubeheer;
  • voorziening voor het beheer van afvalwater: een openbaar vuilwaterriool, openbaar
    hemelwaterstelsel, openbaar ontwateringstelsel, een andere voorziening voor de inzameling en
    het transport van afvalwater, een zuiveringtechnisch werk of een zuiveringsvoorziening;
  • vuilwaterriool:
    • een openbaar vuilwaterriool;
    • een andere voorziening voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater,
      aangesloten op een zuiveringsvoorziening, die blijkens een vergunning als bedoeld in artikel
      6.2 van de Waterwet mede voor het zuiveren van stedelijk afvalwater is bedoeld, of
      aangesloten op een zuiveringtechnisch werk; of
    • een werk, niet zijnde een voorziening voor de inzameling en het transport van afvalwater,
      aangesloten op een zuiveringtechnisch werk;
  • vuurwerk: vuurwerk als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, van het Vuurwerkbesluit;
    warmtekrachtinstallatie: stookinstallatie, bestemd voor het gelijktijdig opwekken van warmte en
    kracht waarbij de warmte nuttig wordt aangewend;
  • woning: een gebouw of een deel van een gebouw dat voor bewoning wordt gebruikt of daartoe is
    bestemd;
  • zuiveringsvoorziening: werk voor het zuiveren van afvalwater, dat geen zuiveringtechnisch werk
    is;
  • zwart kruit: kruit dat onder de klasse 1.1 van het ADR valt.